Licht zoeken als het donker blijft

Omgaan met moedeloosheid in de winter

Januari heeft een eigen soort stilte. De feestelijke drukte is voorbij, de dagen zijn nog kort, en de frisse start waar je misschien op hoopte, voelt als een verre belofte. Er hangt iets zwaars in de lucht – niet voor iedereen zichtbaar, maar wel voelbaar. Moedeloosheid kruipt soms stilletjes naar binnen. Je bent niet alleen. In deze winterse leegte wil mindfulness geen oplossingen aanreiken, maar aanwezigheid. Het nodigt je uit om zacht te worden. Niet om te vechten tegen het donker, maar om ruimte te maken voor wat er ís. Misschien is het moeheid. Misschien een gevoel van richtingloosheid. Of gewoon de behoefte om even niets te moeten. Mindful zijn betekent: dit erkennen zonder oordeel. Zoals de zon nog steeds bestaat, ook als je haar niet ziet.

De stilte onder het donker

Er is een stilte onder het donker die troostend kan zijn. Geen lege stilte, maar een dragende. Mindfulness leert je om die stilte op te zoeken, juist als je weerstand voelt. In je adem. In je lichaam. In het vertragen van je passen. In Prediker staat: “Voor alles is een tijd – een tijd om te huilen en een tijd om te lachen, een tijd om te zwijgen en een tijd om te spreken.” Januari vraagt vaak om die stilte. Om ruimte voor verdriet, voor leegte, voor adem. Het is niet iets om je voor te schamen. Het is een menselijk ritme.

De kracht van zachte aandacht

Soms wil je iets doen om het beter te maken. Maar de diepste vorm van zorg begint niet met doen – maar met er zijn. Zonder oplossing. Zonder advies. Alleen een hand op je hart. Een trage ademhaling. Een kop thee zonder haast. Khalil Gibran schreef: “De diepste pijn wordt gedragen in stilte, en het hart kent geheimen die geen taal ooit zal spreken.” Dat betekent niet dat je het alleen moet dragen, maar wel dat aanwezigheid – stille, oprechte aanwezigheid – helend kan zijn. Voor jezelf. Voor een ander.

Wanneer licht niet voelt als oplossing

Het woord ‘licht’ voelt in januari soms te snel, te fel. Maar licht hoeft niet groots te zijn. Het kan ook klein zijn: het licht van een kaars, het licht in een blik, het licht van een rustige ochtendwandeling.

In *De jongen, de mol, de vos en het paard* zegt de jongen: “Wat is het moedigste wat je ooit hebt gedaan?” En de mol zegt: “Verdergaan.” Soms is dat genoeg. Niet vooruit rennen. Alleen ademhalen en de dag dragen zoals die komt. In donkere tijden is er een subtiele neiging om jezelf te verliezen. Alsof je niets toevoegt, niets voelt kloppen, niets lukt. Maar mindfulness herinnert je eraan: je hoeft niets te bewijzen. Je aanwezigheid is al genoeg. Evelyn Underhill zei: “Spirituele groei begint wanneer we leren onszelf toe te vertrouwen aan het leven, ook wanneer het ons niet past.” Juist in januari, in het donker, leer je dat vertrouwen geen resultaat is – maar een houding. Je leeft. Je ademt. En dat is genoeg voor vandaag.

Bezoek voor meer informatie ook onze kennisbank.